De medische invloed van Rhazes

Overzicht

De Perzische arts die bekend staat als Rhazes (ca. 865-c.923), of ar-Rhazi (Abu Bakr Muhammad ibn Zakariya’ ar-Razi) wordt vooral herinnerd om zijn encyclopedie van de geneeskunde en om zijn pionierswerk bij het maken van onderscheid tussen pokken en mazelen. Zijn grote synthese van Griekse en Arabische medische kennis werd voor het eerst gepubliceerd onder de titel Kitab al-hawi, maar is bekender in de vorm van een Latijnse vertaling die in 1279 werd gepubliceerd als het Liber continens. Het werk werd in die tijd als zeer controversieel beschouwd vanwege de bereidheid van de auteur om kritiek te leveren op de Griekse arts Galen (ca. 130-c. 200), die algemeen als een onfeilbare bron van medische kennis werd beschouwd. Bijna drie eeuwen lang diende het Liber continens als de voornaamste bron van westerse therapeutische kennis. Rhazes boek A Treatise on Smallpox and Measles is een mijlpaal geworden in de ontwikkeling van het concept van specifieke ziekte-entiteiten en de waarde van diagnostische precisie.

Background

De Middeleeuwen van de Europese geschiedenis komen ruwweg overeen met de gouden eeuw van de Islam, de religie gesticht door de profeet Mohammed (570-632). Net zoals het Latijn de gemeenschappelijke onderwijstaal was voor studenten in heel Europa, was het Arabisch de onderwijstaal in de hele islamitische wereld en namen Perzen, Joden en Christenen deel aan de ontwikkeling van de Arabische medische en wetenschappelijke literatuur. Farmacologie, optica, scheikunde en alchemie waren van bijzonder belang voor Arabische wetenschappers.

Voor veel Europese geleerden was de zogenaamde Arabische geneeskunde alleen van betekenis in termen van de rol die zij speelde bij het behoud van de Griekse filosofie tijdens de Europese Donkere Middeleeuwen. Tot vrij recente tijden verwierp de Europese wetenschap over het algemeen bewijzen van originaliteit in het werk van middeleeuwse Arabische medische en wetenschappelijke schrijvers en ging ervan uit dat de voornaamste prestatie van de Arabische wetenschap, geneeskunde en filosofie bestond uit het behoud en de overdracht van oude Griekse kennis. In het algemeen echter accepteerden middeleeuwse geleerden, artsen en filosofen de geschriften van de ouden als waar en gezaghebbend. Sinds de zeventiger jaren van de vorige eeuw hebben geleerden de “Arabische geneeskunde” geherdefinieerd als “Islamitische geneeskunde”, verwijzend naar de vertaling, assimilatie en transformatie van de teksten, theorieën en concepten van de oude Griekse filosofen die in de negende eeuw in de Arabische landen werden geïntroduceerd. Voor hedendaagse geleerden weerspiegelt de Islamitische geneeskunde daarom de assimilatie, integratie en ontwikkeling van de vele elementen die de Islamitische cultuur vormden.

De geschriften van Islamitische artsen en filosofen, die vaak werden gepresenteerd als commentaren op het werk van Galen, werden uiteindelijk uit het Arabisch in het Latijn vertaald en dienden als fundamentele teksten aan Europese universiteiten. Middeleeuwse artsen en geleerden, of zij nu moslims, joden of christenen waren, deelden over het algemeen de veronderstelling dat het Galenisme een volledig en volmaakt systeem was. Aldus zijn veel nieuwe inzichten in de geschiedenis van wetenschap en geneeskunde geopenbaard door pogingen om het werk van Islamitische schrijvers, zoals Rhazes, op hun eigen voorwaarden te bestuderen.

Impact

Hoewel middeleeuwse artsen, zowel Moslims als Christenen, over het algemeen aannamen dat het Galenisme een compleet en volmaakt systeem was, zijn de grote wijzen van de Islamitische geneeskunde het waard om op zichzelf bestudeerd te worden, niet alleen in termen van hun rol in het behoud van de klassieke geneeskunde. Latijnse vertalingen van de medische geschriften van Rhazes, Avicenna (Ibn Sina, 980-1037), Haly Abbas, Averroës (Ibn Rushd, 1126-1198), en Albucasis (al-Zahrawi, 936-1013), waren het meest invloedrijk in Europa, maar veel van deze schrijvers waren ook bekend als filosofen en alchemisten.

Rhazes is lang geëerd als een van de grootste geneesheren van de Islamitische wereld, en ook als een van de meest wetenschappelijk ingestelde geneesheren van de Middeleeuwen. Rhazes, een man met een opmerkelijke energie en productiviteit, was de auteur van tenminste 200 medische en filosofische verhandelingen, waaronder het beroemde Continens, of “Uitgebreid boek van de geneeskunde”. Hoewel Rhazes beweerde dat het werk nog onvolledig was, was het zo omvangrijk dat een in 1486 gedrukte Latijnse editie in twee delen meer dan 20 pond woog.

In antwoord op beschuldigingen dat hij zich te veel had overgegeven aan de geneugten des levens, publiceerde Rhazes een boek met de titel Het gedrag van een filosoof. Hierin beschreef Rhazes zichzelf als een man die altijd matig was geweest in alles, behalve in het verwerven van kennis en in het schrijven van boeken. Hij beweerde dat hij dag en nacht had gewerkt en zijn ogen en handen had beschadigd door in één jaar meer dan 20.000 bladzijden te schrijven. Niettemin leerde Rhazes dat een middenweg tussen extreme ascese en overdadige uitspattingen de meest gezonde manier van leven was. Veel biografen verklaren dat Rhazes tegen het einde van zijn leven blind werd, waarschijnlijk als gevolg van zijn alchemistische experimenten. Hoewel zijn collega’s er bij hem op aandrongen zich te laten opereren om zijn gezichtsverlies te corrigeren, vertelde de grote arts hen dat hij moe was van het zien van de wereld en dat hij weigerde medische of chirurgische behandelingen te ondergaan. In latere biografische verslagen wordt echter over het algemeen beweerd dat Rhazes blind werd nadat zijn beschermheer al-Mansur de arts met een van zijn boeken op het hoofd had geslagen omdat hij geen bewijs had geleverd voor zijn alchemistische theorieën.

Nadat Rhazes veel had gereisd en zich een breed scala aan onderwerpen had eigen gemaakt, waaronder filosofie, muziek, poëzie en logica, raakte hij geïnteresseerd in de geneeskunde na een toevallige ontmoeting met een apotheker in Bagdad. Rhazes was dus al over de 40 tegen de tijd dat hij de geneeskunde begon te beoefenen, maar hij beheerste de kunst al snel en vestigde een grote reputatie als genezer. In competitie met honderden kandidaten, werd Rhazes gekozen als hoofdarts van een van de eerste grote ziekenhuizen in Bagdad. Rhazes koos de gezondste plaats voor het ziekenhuis door stukken vlees op verschillende plaatsen op te hangen om de plaats te vinden waar de minste rotting optrad. Door zijn privé-praktijk en zijn toezicht op het ziekenhuis heeft Rhazes vele intrigerende ziektegeschiedenissen verzameld. Deze bieden inzicht in het scala van klachten waarvoor zijn tijdgenoten artsen consulteerden, welke tekenen en symptomen de arts van belang achtte, de soorten behandeling die werden toegepast, het beroep en de familieachtergrond van zijn patiënten, en de relatie tussen patiënt en arts. Tot de ontdekkingen die aan Rhazes worden toegeschreven, behoren de identificatie van de caviaworm (Dracunculus medinensis), de nervus laryngeus recurrent, en spina ventosa. Volgens Rhazes waren zowel artsen als patiënten gebonden aan ethische plichten. Om ziekten te voorkomen en te genezen, waren patiënten verplicht de arts te vertrouwen en met hem samen te werken. Volgens Rhazes konden een geleerde arts en een gehoorzame patiënt ziekte overwinnen. Helaas waren niet alle patiënten gehoorzaam en veel kwakzalvers en bedriegers beweerden ziekten te kunnen genezen.

Rhazes’ boek A Treatise on Smallpox and Measles is een mijlpaal geworden in de geschiedenis van de geneeskunde. Pokken (Variola) is een acute virale ziekte die gewoonlijk wordt overgedragen door druppeltjes die door de lucht worden verspreid. Over het algemeen dringt het virus het lichaam binnen via de bovenste luchtwegen. De kenmerken en de virulentie van het virus zijn blijkbaar in de loop van de tijd veranderd, maar virologen hebben twee vormen van pokken onderkend: Variola major, met een sterftecijfer van ongeveer 30%, en de milde vorm die bekend staat als Variola minor, met een sterftecijfer van ongeveer 1%. A Treatise on Smallpox and Measles (Een verhandeling over pokken en mazelen) biedt waardevolle informatie over diagnose, therapie en opvattingen over ziekten in de Middeleeuwen. In die tijd werden ziekten, in overeenstemming met de klassieke traditie, over het algemeen gedefinieerd in termen van belangrijke symptomen, zoals koortsen, eruptieve koortsen, diarree en huidlaesies. Rhazes’ verhandeling over pokken en mazelen is dan ook een belangrijke mijlpaal in het vaststellen van het concept van specifieke ziekte-entiteiten. Volgens Rhazes waren pokken in wezen een fase in de overgang van kinderjaren naar volwassenheid waarin het bloed gistte als wijn. Door te suggereren dat deze verandering een natuurlijk aspect was van het ouder worden, probeerde Rhazes te verklaren waarom bijna alle kinderen de ziekte opliepen. Deze observaties wijzen erop dat pokken in die tijd een veel voorkomende, misschien wel alomtegenwoordige kinderziekte waren. Mazelen, die Rhazes als een aparte ziekte erkende, werd veroorzaakt door zeer galachtig bloed. Rhazes gaf echter toe dat zelfs een ervaren arts moeite zou kunnen hebben om pokken van mazelen te onderscheiden. Om zijn reputatie te beschermen, moest de arts wachten tot de aard van de ziekte duidelijk was voordat hij zijn diagnose stelde. Zowel pokken als mazelen konden worden omschreven als eruptieve koortsen, maar pokken was gevaarlijker en liet de overlevenden bijna altijd achter met pokvlekken en littekens.

Het boek van Rhazes, vertaald in het Latijn, had een grote invloed op de behandeling van pokken in Europa tot in de zeventiende eeuw. Volgens Rhazes kon de arts de virulentie van de ziekte verminderen door een goede behandeling bij het begin, maar als de ziekte eenmaal was vastgesteld, moest de arts de uitbarsting van de pokken stimuleren door wrijven, stomen, zuiveren en bloeden. Gedurende vele eeuwen aanvaardden de artsen de door Rhazes voorgeschreven “warmtebehandeling” en wikkelden zij de patiënten in dekens om de transpiratie te verhogen en de uitbarsting van de pokken te bevorderen. Verschillende recepten werden verondersteld om pokvlekken te verwijderen, maar de bijna universele aanwezigheid van pokkenlittekens suggereert dat deze remedies nutteloos waren. Door onderscheid te maken tussen pokken en mazelen leverde Rhazes een paradigmatisch voorbeeld voor het denken in termen van specifieke ziekte-entiteiten.

LOIS N. MAGNER

Verder lezen

Boeken

Hopkins, D. R. Princes and Peasants: Pokken in de geschiedenis. Chicago: University of Chicago Press, 1983.

Khan, M. S. Islamic Medicine. Londen: Routledge & Kegan Paul, 1986.

Meyerhof, M. Studies in Medieval Arabic Medicine: Theory and Practice. London: Variorum Reprints, 1984.

Rhazes. Een verhandeling over de pokken en de mazelen. Vertaald door W. A. Greenhill. Londen: Sydenham Society, 1848. Herdruk, Medical Classics 4 (1939): 22-84.

Siraisi, N. G. Medieval and Early Renaissance Medicine. Chicago: University of Chicago Press, 1991.

Artikelen

Magner, L. N. “Pokken: Most Terrible of All the Ministers of Death.” International Journal of Dermatology 24 (1985): 466-470.

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.